Deiboek januari/februari 2005.

Je staat aan een vooravond om misschien een vreselijke uitslag te krijgen en met die uitslag begint je leven als een patient. En das niet fijn, spreek ik uit eigen ervaring. Want had ik tien jaar geleden van mijn handicap geweten en dan doel ik vooral op het niet kunnen praten en het niet uit een vuistje kunnen eten dan had ik liever niet geweten dat ik een hersentumor had. Tuurlijk wil je weten wat je ellende veroorzaakt, dat wou ik toen ook, dat snap ik ook. Maar de wetenschap doet niet altijd alles goed. Het enige wat ik ermee gewonnen heb is tijd, maar wat is tijd en een kapot lijf. Nu zit ik in een rolstoel en nooit zal ik zeker weten of ik ben genezen van de tumor omdat ik nu de keus heb gemaakt om niet meer gecontroleerd te worden, want mochten ze een klein kruimpje tumorweefsel zien dan willen ze weer opereren en door de operatie ondervind ik meer schade dan aan de tumor zelf.
Achteraf was mijn levensverwachting 32 jaar geweest en dan was ik onverwacht neergedonderd en dood geweest. Wel een vreselijk iets om mee te maken , maar in vergelijk hoe mijn leven nu is verlopen niet op de prettigste manier, maar ik had dit leven zoals het nu is liever niet doorgemaakt. We hebben nu 2 zoons, die ik dit niet had willen aandoen, het was ooit mijn droom een groot gezin te hebben maar mijn tumor kwam eerder. Vanaf dat moment is mijn leven bepaald en gelukkig ga ik door het leven met veel humor, als ik kon praten klonk een lach in mijn stem, wat mijn nichtje Marlies nu ook doet.
Het enige wat ik kan aanraden is om het leven te leven zoals het is en leef met de dag. En een dag niet gelachen is een dag niet geleefd.
Dit verhaal schrijf ik niet om zielig gevonden te worden want ik geniet van elk moment dat ik hier en nu ben. En ik ben wel blij met onze kinderen .

Marjan